![]() |
|
SCHOOLBROCHURE
Instellingskenmerken : 015404 KaBo “de Kei” Beek-Bree vzw Jef Vanhoofstraat 3 3960 Bree Tel : 089/46.59.54 (lagere school) Tel : 089/46.66.84 (kleuterschool) GSM school : 0493/67.47.93 Fax : 089/48.16.48 e-mail : gb.beek@skynet.be website : www.dekei-beek.be
Uw kind werd in onze basisschool “de Kei” ingeschreven. KEI staat voor Kindvriendelijk, Eigentijds Imago. Wij zullen als school uw kind begeleiden bij het opvoeding- en onderwijsproces. We zijn ons goed bewust van de belangrijke taak die we te vervullen hebben bij de verdere lichamelijke en geestelijke ontwikkeling. We zijn dankbaar voor het vertrouwen dat u in ons stelt en zullen al het mogelijke doen om aan die verwachtingen tegemoet te komen.
Deze brochure omvat de volgende 4 delen :
2. OPVOEDINGSPROJECT
3. INFOBROCHURE ONDERWIJSREGELGEVING
4. EIGEN SCHOOLREGLEMENT (werking schooljaar : zie schoolkalender)
Na kennis te hebben genomen van de inhoud van de schoolbrochure vragen we u het instemmingbewijs gedateerd en gehandtekend, binnen de 14 dagen terug te bezorgen aan het secretariaat op bovenstaand adres. Vanaf de ondertekening van de inschrijving zijn de bepalingen van deze schoolbrochure afdwingbaar. We hopen met u en uw kind(eren) een fijne relatie op te bouwen die moet bijdragen tot een goede verstandhouding tussen gezin en school.
Lisette Donders Directeur
Ouders: Van harte welkom in onze school. Wij danken u voor het vertrouwen dat u in ons stelt. De directie en alle leerkrachten zullen zich inzetten voor opvoeding en onderwijs van uw kind op een eigentijdse en christelijk geïnspireerde manier. Wij hopen goed met u te kunnen samenwerken. Bij vragen en problemen staan we voor u klaar om samen naar oplossingen te zoeken. Wij hopen dat u uw kind aanmoedigt om de doelstellingen van onze school na te streven en de afspraken na te leven
Kinderen :Van harte welkom. Als je bent ingeschreven in de kleuterklas gaat er een nieuwe en boeiende wereld voor je open. Op een speelse manier krijg je de kans om je te ontwikkelen. Ga je naar het eerste leerjaar dan leer je stilaan een weg te zoeken en te ontdekken wat je talenten zijn, samen met de leerkrachten. Ben je nieuw in onze school dan heb je misschien wel wat aanpassing nodig. We zullen je helpen, samen met je klasgenootjes en wensen je een fijn schooljaar toe.
Structuur : Onze school heeft 2 vestigingsplaatsen : de gemengde kleuterschool (van 2,5 tot 5 jaar) bevindt zich in de Genastraat 2a 3960 Bree. Tel : 089/46.66.84
De lagere school is eveneens gemengd. Deze vestiging omvat 6 leerjaren en aan de hand van de beschikbare lestijden (berekend volgens het totaal aantal leerlingen) worden er eventueel klassen opgesplitst. Deze afdeling bevindt zich in de Jef Vanhoofstraat 3 3960 Bree. Op dit adres bevindt zich tevens ook het secretariaat van de beide vestigingsplaatsen. Tel : 089/46.59.54 Fax : 089/48.16.48 e-mail : gb.beek@skynet.be Website : www.dekei-beek.be
Organisatie van de school :
- Benaming : KaBo Beek-Bree vzw Jef Vanhoofstraat 3 3960 Bree - Samenstelling : zie schoolkalender Het schoolbestuur is de eigenlijke organisator van het onderwijs in onze school. Zij is verantwoordelijk voor het beleid en de beleidsvorming en schept de noodzakelijke voorwaarden voor een goed verloop van het onderwijs. Ze is ook verantwoordelijk voor de benoeming van het personeel en voor de eindverantwoordelijkheid.
Directeur : Lisette Donders
- Benaming : De Kubus Jef Vanhoofstraat 3 3960 Bree - Coördinerend directeur : Lisette Donders van basisschool “de Kei” - Samenstelling : Basisschool “de Kei”Beek (directeur Lisette Donders van “de Kei”is tevens coördinerend directeur van de scholengemeenschap), basisschool “Don Bosco” Gerdingen, basisschool “Kadee” Tongerlo, basisschool “de Wissel” Opitter, basisschool “de Vuurvogel” Bree en Vostert en buitengewoon lager onderwijs “de Boemerang”.
2. OPVOEDINGSPROJECT en PEDAGOGISCH PROJECT
Wij verwachten van de ouders dat ze achter het pedagogische project staan en het mee helpen dragen. Hierna volgt een beschrijving van de uitgangspunten van ons pedagogisch project. U kan steeds bij de directeur terecht voor verdere informatie.
2.2.1 De uitgangspunten van onze christelijke identiteit. Wij zijn een katholieke school en willen een pedagogisch verantwoord en een kwaliteitsvolle opvoeding aanbieden. Wij gaan ervan uit dat je mens wordt in verbondenheid met andere mensen, met de wereld en met jezelf.
Vanuit ons christelijk geïnspireerd mensbeeld geven we voorrang aan waarden als :
Wij bieden in onze school gevarieerde en zinvolle pastorale activiteiten aan. We werken regelmatig samen met de parochie voor deze activiteiten. We nodigen dan ook “alle” leerlingen regelmatig uit op activiteiten die gericht zijn op :
In de godsdienstlessen, die door “alle leerlingen” gevolgd worden, komt de christelijke levensbeschouwing uitdrukkelijk ter sprake. De godsdienstlessen ondersteunen de levensbeschouwelijke ontwikkeling van de kinderen. Ons doel is de kinderen te helpen om competente vertellers te worden van het levensbeschouwelijke in hun eigen levensverhaal. We brengen de kinderen thuis in de verhalen uit de eigen traditie, en leren hen de verbinding te leggen tussen deze verhalen en de existentiële vragen en ervaringen uit het eigen leven en uit het leven van andere mensen. Dat veronderstelt communicatie. Het inzicht in de eigen traditie kan verdiept worden door de dialoog met andere levensvisies. Zonder de verankering in een traditie heeft de dialoog echter geen basis.. Er bestaat geen levensbeschouwelijke benadering van de werkelijkheid los van een levensbeschouwelijke traditie. In onze school opteren we voor de benadering van de levensbeschouwelijke dimensie vanuit de christelijke godsdienst en de katholieke traditie. Ook de zinvragen die zich aandienen in andere leergebieden komen daar verder aan bod.
2.2.2 Zorg voor een degelijk en samenhangend inhoudelijk aanbod We staan stil bij wat kinderen moeten leren om op te groeien tot “goede” mensen. De uniekheid van ieder kind staat voorop. Ons aanbod is gericht op de ontwikkeling van de “totale persoon” : hoofd, hart en handen.
In ons aanbod brengen we kinderen in contact met alle componenten van de cultuur :
In ons aanbod is een logische samenhang te vinden. We werken met leerlijnen waarin het ene logisch volgt uit het andere. We bouwen voort op wat kinderen reeds beheersen. Het is niet voldoende dat kinderen beschikken over een aantal weetjes of dat ze een aantal vaardigheden kunnen toepassen als de leerkracht dat vraagt. Waar het uiteindelijk op aan komt, is dat de kinderen leren met het oog op het leven. Dat ze de dingen die ze leren kunnen plaatsen en gebruiken in hun leven. Dat is leren dat zin heeft en zin geeft.
2.2.3 Doeltreffende aanpak en een stimulerend opvoedingsklimaat
We zoeken naar de beste aanpak om het leren van de kinderen te ondersteunen en te begeleiden. Kinderen staan positief tegenover het leven en de wereld en wij willen aansluiten bij die positieve ingesteldheid. Leren is niet een vullen van vaten met alle mogelijke kennis. Kinderen zijn zelf actief betrokken in het leerproces. Zo bouwen ze nieuwe kennis, inzichten en vaardigheden op, ze bouwen voort op wat ze reeds kennen en kunnen.
Onze opvoeding wordt gedragen door :
Van onze leerkrachten verwachten we dat ze :
2.2.4 Werken aan de ontplooiing van elk kind, vanuit een brede zorg We streven naar een brede zorg voor ieder kind. We proberen ervoor te zorgen dat kinderen zich veilig en goed voelen. Daarvoor zijn hoop en geduld essentieel. Onze brede zorg overlapt twee dimensies. We hebben aandacht voor de “gewone zorgvragen” van alle kinderen. Ieder kind is anders en heeft een eigen aanpak nodig en mag daarvoor aanspraak maken op de nodige zorg. Wij worden uitgedaagd om het onderwijs zoveel mogelijk af te stemmen op de noden van de kinderen, bijvoorbeeld door diagnoses te stellen en te differentiëren. We verbreden onze zorg voor kinderen bij wie de ontwikkeling anders verloopt dan verwacht (sneller of trager). Hier stoten we op “bijzondere zorgvragen”.Voor deze vragen werken we als school samen met ouders, CLB, scholen voor buitengewoon onderwijs en gespecialiseerde centra, GON-begeleiding…
2.2.5 Onze school als gemeenschap en als organisatie Alle medewerkers van de school werken samen in de opvoeding van het onderwijs van de kinderen. We respecteren ieders verantwoordelijkheid en zorgen voor een goede organisatie en samenwerking.
Onze school wordt gedragen door het hele team onder leiding van de directie. We werken samen , overleggen en streven naar een voortdurende kwaliteitsbewaking en kwaliteitsverbetering en doen daarvoor de nodige bijsturingen indien nodig.
We delen onze zorg voor kwaliteitsvol onderwijs met :
3. INFOBROCHURE ONDERWIJSREGELGEVING
1) Definities :
2) Schoolorganisatie :
CENTRUM LEERLINGENBEGELEIDING (CLB)
Het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) heeft als opdracht bij te dragen tot het welbevinden van leerlingen, en situeert de begeleiding van leerlingen op vier domeinen: - het leren en studeren - de onderwijsloopbaan - de preventieve gezondheidszorg - het psychisch en sociaal functioneren.
2.1 Relatie tussen CLB en school
De school en het CLB hebben een gezamenlijk beleidscontract opgesteld dat de aandachtspunten voor de leerlingenbegeleiding vastlegt. Dit beleidscontract is met de ouders besproken in de schoolraad. Als de school aan het CLB vraagt om een leerling te begeleiden, zal het CLB een begeleidingsvoorstel doen. Het CLB zet de begeleiding slechts voort als de ouders van de leerling hiermee instemmen. Vanaf de leeftijd van 12 jaar vermoedt de regelgever dat een kind voldoende competent is om zelfstandig te beslissen of hij/zij wil instemmen met het voorgestelde begeleidingsplan. Het centrum heeft recht op de relevante informatie die over de leerlingen in de school aanwezig is en de school heeft recht op de relevante informatie over de leerlingen in begeleiding. Ze houden allebei bij het doorgeven en het gebruik van deze informatie rekening met de geldende regels inzake het beroepsgeheim, de deontologie en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. 2.2 Relatie tussen CLB, de leerlingen en hun ouders
Niet alleen de school, maar ook de leerlingen en ouders kunnen het CLB om hulp vragen. Het CLB werkt gratis en discreet. Het centrum, de school en de ouders dragen een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Ouders zijn verplicht hun medewerking te verlenen aan: - de begeleiding van leerlingen die spijbelen. Als de betrokken ouders niet ingaan op de initiatieven van het centrum, meldt het centrum dit aan de door de Vlaamse regering aangeduide instantie; collectieve medische onderzoeken en/of preventieve gezondheidsmaatregelen i.v.m. besmettelijke ziekten. De ouders of de leerling vanaf 12 jaar kunnen zich verzetten tegen het uitvoeren van een algemeen of gericht consult door een bepaalde arts van het CLB. Binnen een termijn van negentig dagen dient de persoon die verzet aantekent, het verplichte consult te laten uitvoeren door een andere arts van hetzelfde CLB, een arts van een ander CLB of een andere arts buiten het CLB die beschikt over het nodige bekwaamheidsbewijs. In dat laatste geval zijn de kosten ten laste van de ouders.
Het centrum maakt zijn werking bekend aan de ouders. Dat gebeurt minstens op het ogenblik dat de leerling voor de eerste keer wordt ingeschreven in de school. Ouders krijgen informatie over de rechten en plichten van ouders, leerlingen, de school en het centrum.
De regering kan het centrum verplichten vormen van begeleiding voor deelgroepen van leerlingen, ouders en scholen voor te stellen. Het staat deze leerlingen, ouders en scholen vrij om al dan niet op dit verzekerd aanbod in te gaan. Als een leerling van school verandert, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot de leerling is ingeschreven in een school die door een ander centrum wordt bediend. Als een leerling voor een bepaalde periode niet ingeschreven is in de school, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot het einde van de periode van niet-inschrijving.
2.3 Het multidisciplinair dossier
Het centrum legt voor elke leerling voor wie een begeleiding wordt gestart, één multidisciplinair dossier aan. Het multidisciplinair dossier van de leerling bevat alle voorhanden zijnde gegevens die over de leerling op het centrum aanwezig zijn. Als een leerling van school verandert en onder toezicht van een ander CLB komt te staan, is het CLB dat de vorige school begeleidt, ervoor verantwoordelijk dat het CLB-dossier de leerling volgt. Er is geen toestemming van de ouders of de leerling vereist om een multidisciplinair dossier over te dragen. Er bestaat maar één CLB- dossier en dit dossier is in principe een ondeelbaar geheel. Daarom wordt het bij schoolveranderen in één zending overgemaakt. Elk CLB is eraan gehouden de ouders of de leerling te informeren over het doorgeven van het dossier. Er wordt een wachttijd van 10 dagen gerespecteerd na het informeren van de ouders of de leerling. De ouders of de leerling kunnen afzien van die wachttijd. Er kan binnen die 10 dagen verzet aangetekend worden tegen het overmaken van de niet-verplichte gegevens uit het dossier. Er kan geen verzet aangetekend worden tegen de overdracht van volgende gegevens: identificatiegegevens, vaccinatiegegevens, gegevens in het kader van de verplichte CLB-opdrachten, bijzondere consulten en de medische onderzoeken uitgevoerd als vorm van nazorg na een algemeen, een gericht of een bijzonder consult. Indien er verzet wordt aangetekend, verzendt het vorige CLB enkel de verplicht over te dragen gegevens samen met een kopie van het verzet. Het bewaart de gegevens waartegen verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact. 3.INSCHRIJVEN VAN LEERLINGEN
3.1 Toelatingsvoorwaarden
Een inschrijving kan pas ingaan na instemming met het schoolreglement en het pedagogisch project van de school. Bij de inschrijving dient een officieel document te worden voorgelegd dat de identiteit van het kind bevestigt en de verwantschap aantoont (de SIS-kaart, het trouwboekje, het geboortebewijs, een identiteitsstuk van het kind zoals een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister, een reispas). De inschrijving van een leerling geldt voor de duur van de hele schoolloopbaan in de school. Alle kleuters en leerlingen worden op de datum van de inschrijving opgenomen in het inschrijvingsregister. Zij worden slechts éénmaal ingeschreven volgens chronologie. Een kleuter die nog geen 2 jaar en 6 maanden is, kan ingeschreven worden. Maar pas wanneer de kleuter voldoet aan de toelatingsvoorwaarde (2,5 jaar zijn), wordt de kleuter opgenomen in het stamboekregister. Vanaf de volgende instapdatum wordt de kleuter toegelaten in de school en wordt hij/zij opgenomen in het aanwezigheidsregister van de klas. Kleuters zijn niet leerplichtig. Kleuters vanaf 2,5 tot 3 jaar mogen in het kleuteronderwijs op school aanwezig zijn op de volgende instapdagen: de eerste schooldag na de zomervakantie; de eerste schooldag na de herfstvakantie ; de eerste schooldag na de kerstvakantie ; de eerste schooldag van februari ; de eerste schooldag na de krokusvakantie ; de eerste schooldag na de paasvakantie. de eerste schooldag na hemelvaartsdag.
Een kleuter die de leeftijd van drie jaar bereikt heeft, kan elke dag worden ingeschreven en in de school toegelaten zonder rekening te houden met de instapdagen. Om toegelaten te worden tot het lager onderwijs moet de leerling 6 jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Een leerling die 5 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar kan reeds in het lager onderwijs ingeschreven worden. Deze afwijking blijft beperkt tot één jaar. Vanaf 1 september 2009 geldt voor inschrijvingen vanaf het schooljaar 2010-2011 onderstaande regeling:
Om toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs moet een leerling zes jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Als hij nog niet de leeftijd van zeven jaar heeft bereikt of zal bereiken voor 1 januari van het lopende schooljaar, moet hij bovendien aan een van de volgende voorwaarden voldoen: 1° het voorgaande schooljaar ingeschreven zijn geweest in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode gedurende ten minste 220 halve dagen aanwezig zijn geweest; 2° voldoen aan een proef die de kennis van het Nederlands, nodig om het lager onderwijs aan te vatten, peilt. De Vlaamse Regering legt de inhoud van die taalproef vast. Het CLB waarmee de school waar de betrokken leerling zich aanbiedt een beleidscontract heeft, is bevoegd die taalproef af te nemen; 3° beschikken over een bewijs dat hij het voorafgaande schooljaar onderwijs heeft genoten in een Nederlandstalige onderwijsinstelling uit een lidstaat van de Nederlandse Taalunie. Met uitzondering van de leeftijdsvereiste is deze regeling niet van toepassing op leerlingen die worden ingeschreven in Franstalige scholen in de rand- en taalgrensgemeenten die deel uitmaken van het Nederlandse taalgebied. Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar kan in het lager onderwijs ingeschreven worden, op voorwaarde dat hij tijdens het voorafgaande schooljaar was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode ten minste 185 halve dagen aanwezig was geweest. Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar en die tijdens het voorafgaande schooljaar niet was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs, kan in het lager onderwijs worden ingeschreven op basis van een taalproef .
3.2 Weigering van inschrijving
Ouders hebben het recht om hun kind in te schrijven in de school van hun keuze. Toch kan de school een leerling weigeren onder bepaalde omstandigheden. 1. Het schoolbestuur weigert de inschrijving van de betrokken leerling die het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar door een tuchtmaatregel definitief werd uitgesloten in de school.
2. Kinderen kunnen specifieke noden hebben. De school zal bij leerlingen met een inschrijvingsverslag buitengewoon onderwijs, type 8 uitgezonderd, onderzoeken of haar draagkracht voldoende groot is om het kind de nodige ondersteuning te geven op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging.
Bij het onderzoek naar de draagkracht houdt de school, in overleg met de ouders en het CLB, rekening met: - De verwachtingen van de ouders ten aanzien van het kind en ten aanzien van de school; - De concrete ondersteuningsnoden van de leerling op het vlak van leergebieden, sociaal functioneren, communicatie en mobiliteit; - Een inschatting van het regulier aanwezig draagvlak van de school inzake zorg; - De beschikbare ondersteunende maatregelen binnen én buiten het onderwijs; - Het intensief betrekken van de ouders bij de verschillende fasen van het overleg- en beslissingsproces. - Het kind wordt ingeschreven onder de ontbindende voorwaarde van het aantonen van onvoldoende draagkracht. 3. Het schoolbestuur kan omwille van materiële omstandigheden een maximumcapaciteit invoeren. Wanneer deze maximumcapaciteit overschreden wordt, moet de school de leerling weigeren. De beslissing tot weigering wordt binnen vier kalenderdagen (eventueel na onderzoek van de draagkracht van de school) bij aangetekend schrijven of tegen afgiftebewijs aan de ouders van de leerling bezorgd. Ouders krijgen toelichting bij de beslissing van het schoolbestuur. Bij een weigering op draagkracht wordt door het Lokaal Overlegplatform (LOP) onmiddellijk, en zonder te wachten op de vraag van de ouders, een bemiddelingsprocedure opgestart. Bij weigering op basis van de andere redenen start het LOP alleen een bemiddeling wanneer de ouders er uitdrukkelijk om verzoeken. Indien de school niet behoort tot een LOP zal het Departement Onderwijs een nabijgelegen LOP aanduiden. Na de bemiddeling door het Lokaal Overleg Platform kunnen ouders alsnog een klacht indienen bij de Commissie inzake Leerlingenrechten. 3.3 Leerplicht
In september van het jaar waarin het kind 6 jaar wordt, is het leerplichtig en wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het op die leeftijd nog in het kleuteronderwijs blijft, is het dus net als elk ander leerplichtig kind onderworpen aan de controle op het regelmatig schoolbezoek. Een jaar langer in de kleuterschool doorbrengen, vervroegd naar de lagere school komen en een achtste jaar in de lagere school verblijven kan enkel na kennisgeving van en toelichting bij het advies van de klassenraad en van het CLB-centrum. De ouders nemen de uiteindelijke beslissing. In het gewoon onderwijs kan een leerling minimum 4 jaar en maximum 8 jaar in het lager onderwijs doorbrengen, met dien verstande dat een leerling die 15 jaar wordt vóór 1 januari geen lager onderwijs meer kan volgen. De leerlingen zijn verplicht om alle lessen en activiteiten van hun leerlingengroep te volgen. Om gezondheidsredenen kunnen er, in samenspraak met de directeur, eventueel aanpassingen gebeuren. 4. AFWEZIGHEDEN
De regelgeving op afwezigheden is van toepassing op leerplichtige kinderen in het gewoon basisonderwijs. De regelgeving is ook van toepassing op leerlingen die, wegens verlengd kleuterschoolbezoek, op zesjarige leeftijd nog in het kleuteronderwijs zitten. Zij zijn op basis van hun leeftijd leerplichtig. Ook leerlingen die reeds op vijfjarige leeftijd zijn overgestapt naar het lager onderwijs vallen onder de reglementering. Niet-leerplichtige leerlingen in het kleuteronderwijs kunnen niet onwettig afwezig zijn, aangezien ze niet onderworpen zijn aan de leerplicht en dus niet steeds op school moeten aanwezig zijn. Het is belangrijk dat kleuters regelmatig naar school komen. Kinderen die activiteiten missen lopen meer risico om te mislukken en raken minder goed geïntegreerd in de klasgroep. We verwachten dat de ouders ook de afwezigheden van hun kleuter onmiddellijk melden omwille van veiligheidsoverwegingen. 4.1 Afwezigheden wegens ziekte
Voor ziekte tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een briefje van de ouders. Dergelijk briefje kan slechts vier keer per schooljaar door de ouders zelf geschreven worden. Vanaf de vijfde keer is een medisch attest vereist. Is een kind méér dan drie opeenvolgende kalenderdagen ziek dan is steeds een medisch attest vereist. Dat attest kan afkomstig zijn van een geneesheer, een geneesheer-specialist, een psychiater, een tandarts, een orthodontist en de administratieve diensten van een ziekenhuis of een erkend labo. Consultaties ( zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts), moeten zoveel mogelijk buiten de schooluren plaatsvinden. Wanneer een kind een chronische ziekte heeft die leidt tot verschillende afwezigheden zonder dat telkens een doktersconsultatie noodzakelijk is (bijv. astma, migraine,...) is het goed contact op te nemen met de school en het CLB. Het CLB kan dan een medisch attest opmaken dat de ziekte bevestigt. Wanneer een afwezigheid om deze reden zich dan effectief voordoet, volstaat een attest van de ouders. Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig in volgende gevallen: - het attest geeft zelf de twijfel van de geneesheer aan wanneer deze schrijft “dixit de patiënt”; - het attest is geantedateerd of begin- en einddatum werden ogenschijnlijk vervalst; - het attest vermeldt een reden die niets met de medische toestand van de leerling te maken heeft zoals bv. de ziekte van één van de ouders, hulp in het huishouden.
De school zal het CLB contacteren telkens ze twijfels heeft over een medisch attest. 4.2 Van rechtswege gewettigde afwezigheden.
In volgende situaties kan een kind gewettigd afwezig zijn. De ouders moeten een document met officieel karakter (1 - 5) of een verklaring (6) kunnen voorleggen ter staving van de afwezigheid. Voor deze afwezigheden is geen voorafgaand akkoord van de directeur nodig. De ouders verwittigen de school vooraf van dergelijke afwezigheden. 1. het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van iemand die onder hetzelfde dak woont als het kind, of van een bloed- of aanverwant van het kind; 2. het bijwonen van een familieraad; 3. de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank (bijvoorbeeld wanneer het kind in het kader van een echtscheiding moet verschijnen voor de jeugdrechtbank); 4. het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg (bijvoorbeeld opname in een onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum); 5. de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht (bijvoorbeeld door staking van het openbaar vervoer, door overstroming,...) ; 6. het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling (anglicaanse, islamitische, joodse, katholieke, orthodoxe, protestants-evangelische godsdienst) Concreet gaat het over: - islamitische feesten: het Suikerfeest en het Offerfeest ( telkens 1 dag); - joodse feesten: het joods Nieuwjaar ( 2 dagen), de Grote Verzoendag (1 dag), het Loofhuttenfeest (2 dagen), het Slotfeest (2 laatste dagen), de Kleine Verzoendag (1 dag), het feest van Esther (1 dag), het Paasfeest (4 dagen), het Wekenfeest (2 dagen); - orthodoxe feesten: Kerstfeest (2 dagen), voor de jaren waarin het orthodox Kerstfeest niet samenvalt met het katholiek Kerstfeest, Paasmaandag, Hemelvaart en Pinksteren voor de jaren waarin het orthodox Paasfeest niet samenvalt met het katholieke Paasfeest.
De katholieke feestdagen zijn reeds vervat in de wettelijk vastgelegde vakanties. De protestants-evangelische en de anglicaanse godsdienst hebben geen feestdagen die hiervan afwijken. 4.3 Afwezigheden waarvoor de toestemming van de directeur nodig is.
Deze categorie afwezigheden verleent de school autonomie om in te spelen op specifieke situaties die niet altijd door de regelgeving op te vangen zijn. Indien de directeur akkoord is en mits voorlegging van, naargelang het geval, een officieel document of een verklaring van de ouders, kan de leerling gewettigd afwezig zijn om één van de onderstaande redenen: 1. het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont als het kind of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad. ( Voor de dag van de begrafenis zelf is geen toestemming van de directeur nodig. Het gaat hier over een periode die het kind eventueel nodig heeft om emotioneel evenwicht terug te vinden (rouwperiode)). Mits toestemming van de directeur kan zo ook een begrafenis van een bloed- of aanverwant in het buitenland bijgewoond worden. 2. het actief deelnemen aan een culturele of sportieve manifestatie, indien het kind hiervoor als individu of als lid van een club geselecteerd is. Het bijwonen van trainingen komt niet in aanmerking, wel bijv. de deelname aan een kampioenschap/competitie. Het kind kan maximaal 10 halve schooldagen per schooljaar hiervoor afwezig zijn (hetzij achtereenvolgend, hetzij gespreid over het schooljaar). 3.de deelname aan time-out-projecten. Deze afwezigheden komen in het basisonderwijs zelden voor, maar in die situaties waarin voor een leerling een time-outproject aangewezen is, is het in het belang van de leerling aangewezen om dit als een gewettigde afwezigheid te beschouwen. Voor sommige leerlingen is er geen andere oplossing dan hen tijdelijk te laten begeleiden door een externe gespecialiseerde instantie; 4. in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen. Voor deze afwezigheden moet de directeur op voorhand zijn akkoord verleend hebben. Het gaat om maximaal 4 halve schooldagen per schooljaar (al dan niet gespreid). 5.afwezigheden wegens topsport voor de sporten tennis, zwemmen en gymnastiek. Dit kan slechts toegestaan worden voor maximaal 6 lestijden per week, mits het vooraf indienen van een dossier met de volgende elementen: - een gemotiveerde aanvraag van de ouders; - een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie; - een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap; - een akkoord van de directie.
Deze vijf categorieën van afwezigheden zijn geen automatisme, geen recht dat ouders kunnen opeisen. Enkel de directeur kan autonoom beslissen om deze afwezigheden toe te staan. De directeur mag onder geen beding toestemming geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren. De leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met 30 juni.
4.4 Afwezigheden van kinderen van trekkende bevolking, in zeer uitzonderlijke omstandigheden.
De volgende regels zijn van toepassing op de kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners. Ze zijn niet van toepassing op kinderen die behoren tot de trekkende bevolking maar die ter plaatse verblijven (bijvoorbeeld in een woonwagenpark). Die kinderen moeten elke dag op school aanwezig zijn. Ouders behorend tot de categorie trekkende bevolking die hun kind inschrijven in een school, moeten er - net als alle andere ouders - op toezien dat hun kind elke dag op school aanwezig is. In uitzonderlijke omstandigheden kunnen zich situaties voordoen waarbij het onvermijdelijk is dat het kind tijdelijk met de ouders meereist. Deze situaties moeten op voorhand goed met de school besproken worden. De ouders maken samen met de school duidelijke afspraken over hoe het kind in die periode met behulp van de school verder de onderwijstaken zal vervullen (de school zorgt voor een vorm van onderwijs op afstand) en over hoe de ouders met de school in contact zullen blijven. Deze afspraken moeten in een overeenkomst tussen de ouders en de school neergeschreven worden. Enkel als de ouders hun engagementen naleven is het kind gewettigd afwezig.
4.5 Problematische afwezigheden.
Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals hierboven beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden. De school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische afwezigheid. Van zodra het kind meer dan 10 halve schooldagen problematisch afwezig is, stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat ter inzage is voor de verificateurs. School en CLB zullen in communicatie met de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en hun kinderen.
5. ONDERWIJS AAN HUIS
Leerlingen vanaf 5 jaar (d.w.z. leerlingen die vijf jaar of ouder geworden zijn vóór 1 januari van het lopende schooljaar) hebben recht op tijdelijk onderwijs aan huis (kleuter- of lager onderwijs; 4 lestijden per week) indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld: 1. De leerling is meer dan 21 kalenderdagen ononderbroken afwezig wegens ziekte of ongeval (vakantieperiodes meegerekend). 2. De ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de directeur van de thuisschool. De aanvraag is vergezeld van een medisch attest waaruit blijkt dat het kind de school niet of minder dan halftijds kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen. 3.De afstand tussen de school (vestigingsplaats) en de verblijfplaats van betrokken leerling bedraagt ten hoogste 10 km.
Specifieke situatie bij chronische ziekte (=een ziekte die een continue of repetitieve behandeling van minstens 6 maanden noodzaakt): 1. voor chronisch zieke kinderen vervalt de wachttijd van 21 kalenderdagen. Deze kinderen hebben recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis na 9 halve schooldagen afwezigheid (moeten niet in een ononderbroken periode doorlopen). Telkens het kind daarop opnieuw 9 halve schooldagen afwezigheid heeft opgebouwd, heeft het opnieuw recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aanhuis; 2.voor chronisch zieke leerlingen moet bij de eerste aanvraag tijdens het betrokken schooljaar een medisch attest worden gevoegd, uitgereikt door een geneesheer-specialist, dat het chronisch ziektebeeld bevestigt en waaruit blijkt dat het kind onderwijs mag krijgen. Bij een nieuwe afwezigheid ten gevolge van deze chronische ziekte tijdens hetzelfde schooljaar is geen nieuw medisch attest vereist. Er dient wel een nieuwe aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis ingediend te worden.
6. ORDE- EN TUCHTMAATREGELEN
In uitzonderlijke gevallen kan een school een leerplichtig kind als tuchtmaatregel schorsen of uitsluiten. Deze beslissing wordt genomen door het schoolbestuur, of bij delegatie door de directeur. In de praktijk zal schorsing of uitsluiting in het basisonderwijs allicht zelden voorkomen. In gevallen waar het gedrag van een leerling het recht op onderwijs van de medeleerlingen in het gedrang brengt, moet er evenwel een ernstige sanctie mogelijk zijn. Beide maatregelen (schorsen en uitsluiten) kunnen dus enkel toegepast worden op leerlingen waarmee een school zware tuchtproblemen heeft. Aangezien we er vanuit kunnen gaan dat dergelijke zware tuchtproblemen zich niet voordoen bij kleuters, zal allicht geen enkele school kleuters uitsluiten of schorsen. Schorsing en uitsluiting is ook niet bedoeld om een verstoorde communicatie tussen school en ouders te beslechten. Schorsing en uitsluiting kunnen evenmin door het schoolbestuur (of de directie) gebruikt worden als oplossing voor een leerling met een besmettelijke ziekte (bijv. luizen). Bij besmettelijke ziekten kan immers alleen de arts van het Centrum voor Leerlingenbegeleiding beslissen welke maatregelen aangewezen zijn.
6.1 Schorsen
Een schorsing betekent dat de gesanctioneerde leerling het recht op onderwijs tijdelijk (gedurende een bepaalde periode) ontnomen wordt. Deze leerling mag dan de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet volgen, maar moet wel op school zijn.
6.2 Uitsluiten
Bij een uitsluiting ontneemt het schoolbestuur (of bij delegatie de directeur) de gesanctioneerde leerling definitief (d.w.z. voor de rest van het lopende schooljaar) het recht op onderwijs in zijn scho(o)l(en). Deze leerling wordt definitief uit de school verwijderd, op het ogenblik dat hij in een andere school ingeschreven is en uiterlijk één maand, vakantieperioden niet inbegrepen, na de schriftelijke kennisgeving van uitsluiting door de school. In afwachting bevindt de leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste leerling. Ook deze leerling moet dus op school opgevangen worden. Geschorste en uitgesloten leerplichtigen effectief uit de school verwijderen zou er immers toe kunnen leiden dat ze in een ernstige spijbelproblematiek vervallen of zelfs “nergens-ingeschreven leerlingen” worden, die dus niet meer voldoen aan de leerplicht. Om te vermijden dat het verantwoordelijk blijven van de school ertoe leidt dat ouders van een uitgesloten leerling geen inspanningen doen om hun kind in een andere school in te schrijven, is een termijn voorzien waarna de sanctie van uitsluiting effectief uitwerking krijgt. Deze termijn is vastgesteld op een maand, vakantieperioden niet inbegrepen. Is een kind een maand na de schriftelijke kennisgeving nog niet in een nieuwe school ingeschreven, dan is de oude school dus niet langer verantwoordelijk voor de opvang van de uitgesloten leerling. Het zijn uiteindelijk de ouders die erop moeten toezien dat hun kind aan de leerplicht voldoet. De school doet er in elk geval goed aan om bij uitsluiting het bevoegde CLB in te schakelen om samen naar een oplossing te zoeken. 6.3 Procedure bij schorsing voor meer dan één dag en bij uitsluiting van leerlingen
Bij schorsing voor meer dan één dag of bij uitsluiting moet steeds een procedure gevolgd worden. Deze procedure wordt opgenomen in het schoolreglement en respecteert volgende principes: - het voorafgaandelijk advies van de klassenraad moet ingewonnen worden; - de ouders hebben inzage in het tuchtdossier en worden gehoord; - de genomen beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en schriftelijk ter kennis gebracht aan de ouders. Een leerling die in een school ingeschreven is, maar het volgend schooljaar niet meer welkom is in deze school, kan beschouwd worden als een uitgesloten leerling wanneer de in het schoolreglement opgenomen procedure gevolgd wordt. Adres Commissie inzake leerlingenrechten : Koning Albert II laan 15 1210 Brussel 7. GETUIGSCHRIFT BASISONDERWIJS
Het schoolbestuur kan, op voordracht en na beslissing van de klassenraad, een getuigschrift basisonderwijs uitreiken aan een regelmatige leerling uit het gewoon lager onderwijs. Een regelmatige leerling is volgens het Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 een leerling die slechts in één school ingeschreven is. In het basisonderwijs, of als leerplichtige in het kleuteronderwijs, moet de leerling daarenboven aanwezig zijn, behoudens gewettigde afwezigheid, en deelnemen aan alle onderwijsactiviteiten die voor hem of zijn leergroep worden georganiseerd. De klassenraad oordeelt autonoom of een regelmatige leerling in voldoende mate, de doelen die in het leerplan zijn opgenomen heeft bereikt, om een getuigschrift basisonderwijs te bekomen. De beslissing van de klassenraad is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van de leerling. Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een attest afgeleverd door de directie met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde leerjaren lager onderwijs. 8. FINANCIËLE BIJDRAGE
Voor scholen van het gesubsidieerd basisonderwijs kan geen direct of indirect inschrijvingsgeld gevraagd worden. Evenmin kunnen er bijdragen worden gevraagd voor materialen die gebruikt worden om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven. Het Vlaams Parlement heeft een lijst vastgelegd met materialen die kosteloos ter beschikking moeten worden gesteld om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven zoals o.a. Lijst met materialen - Bewegingsmateriaal - Constructiemateriaal - Handboeken, schriften, werkboeken en –blaadjes, fotokopieën, software - ICT-materiaal - Informatiebronnen - Kinderliteratuur - Knutselmateriaal - Leer- en ontwikkelingsmateriaal - Meetmateriaal - Multimediamateriaal - Muziekinstrumenten - Planningsmateriaal - Schrijfgerief - Tekengerief – Atlas, - Globe - Kaarten - Kompas - Passer - Tweetalige alfabetische woordenlijst – Zakrekenmachine Het schoolbestuur kan wel een bijdrage vragen voor: - Activiteiten of verplichte materialen die niet noodzakelijk zijn voor de eindtermen en ontwikkelingsdoelen en waarvan de ouders het te besteden bedrag niet zelf kunnen bepalen. Voor deze categorie dient de school een scherpe maximumfactuur te respecteren. Deze bedraagt €20 voor het kleuteronderwijs en €60 voor het lager onderwijs. De bedragen gelden per leerjaar. - Meerdaagse uitstappen. Voor deze categorie dient de school een maximumfactuur van €360 per kind voor de volledige loopbaan lager onderwijs te respecteren. Voor het kleuteronderwijs mag geen bijdrage gevraagd worden. - Diensten die de school aanbiedt en die buiten de kosteloosheid en de maximumfacturen vallen. Voor deze categorie worden de kosten opgenomen in een bijdrageregeling. Deze bijdrageregeling wordt besproken in de schoolraad en wordt bij het begin van het schooljaar meegedeeld aan de ouders. De kosten die aan de ouders worden doorgerekend moeten in verhouding zijn tot de geleverde prestatie.
9. GELDELIJKE EN NIET-GELDELIJKE ONDERSTEUNING DIE NIET AFKOMSTIG IS VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP EN DE RECHTSPERSONEN DIE DAARVAN AFHANGEN (RECLAME- EN SPONSORBELEID)
In het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 zijn een aantal beginselen vastgelegd waaraan scholen, die reclame en sponsoring door derden toelaten, zich sinds 1 september 2001 moeten houden. Artikel 51,§4 bepaalt dat een schoolbestuur dat mededelingen toelaat die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van producten of diensten te bevorderen de volgende principes moet in acht nemen: 1. De door het schoolbestuur verstrekte leermiddelen of verplichte activiteiten moeten vrij blijven van reclame. 2. Facultatieve activiteiten (vb. schoolreis, bosklassen,...) moeten vrij blijven van reclame, behalve wanneer die enkel verwijst naar het feit dat de activiteit of een gedeelte van de activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking of een prestatie om niet of verricht werd onder de reële prijs door een bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of een feitelijke vereniging. 3. Reclame en sponsoring mogen niet kennelijk onverenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de school. Dit principe betekent dat er geen schade mag berokkend worden aan de geestelijke en/of lichamelijke gesteldheid van leerlingen en dat sponsoring en reclame in overeenstemming moet zijn met de goede smaak en het fatsoen. 4. Reclame en sponsoring mogen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de school niet in het gedrang brengen. Elke school die wenst gebruik te maken van reclame en sponsoring, moet over de hierboven vermelde algemene principes concrete afspraken maken. Het staat vast dat reclame en sponsoring hoe dan ook een rol spelen in de moderne maatschappij en in de belevingswereld van kinderen. Het is daarom essentieel dat er over de fundamentele visie op reclame en sponsoring voorafgaandelijk overleg wordt gepleegd in de schoolraad / participatieraad. Via het schoolreglement worden de ouders geïnformeerd over de afspraken die er m.b.t. sponsoring en reclame gemaakt werden. Als ouders het niet eens zijn met beslissingen van de school inzake sponsoring, kunnen zij daarover een klacht indienen bij de Commissie Zorgvuldig Bestuur.
4. DEEL B (EIGEN SCHOOLREGLEMENT – AFSPRAKEN)
INSCHRIJVEN VAN LEERLINGEN :
Een inschrijving kan pas ingaan na instemming met het pedagogisch project en het schoolreglement. - Voorrang broer en zus : indien nodig hebben broers en zussen voorrang bij een inschrijving - Algemene inschrijvingsperiode : na afspraak met de directie. - Inschrijving kleuters : eind augustus wordt er een inschrijfmoment voorzien voor alle nieuwe kleuters. De ouders en de kleuters kunnen dan reeds kennismaken met de kleuterleidster.
In het document “onderwijsregelgeving” onder punt 3 kan u alle uitzonderingen, rechten en plichten ivm inschrijvingen lezen. Voor verdere informatie verwijzen we naar de directie die u de nodige informatie kan geven.
4.4.1 De organisatie van de schooluren : ° De begin- en einduren van de school zijn als volgt vastgelegd:
° De kinderen worden op de speelplaats toegelaten een kwartier voor het begin van de lessen : ’s morgens om 8.30u en ’s middags om 13.00u. ° Begin en einde van de lessen worden aangeduid met een belsignaal. De leerlingen begeven zich onmiddellijk naar de rij. Onder begeleiding van de leerkracht gaan de leerlingen naar de klas of naar buiten. ° Voor en na de lessen en tijdens de middagpauze mogen de leerlingen niet in de klassen of gangen aanwezig zijn.
4.4.2 De voor-en naschoolse opvang
4.4.3 Het leerlingenvervoer
De school beschikt niet over een schoolbus. De ouders zorgen zelf voor het vervoer van hun kind.
4.4.4 De organisatie van de oudercontacten
Ouders die contact willen opnemen met de school nemen eerst contact op met de directeur. Rechtstreeks naar de klas stappen zonder voorafgaande afspraak wordt niet gewaardeerd en stoort het klasgebeuren.
° Driemaal per jaar worden de ouders van de lagere school uitgenodigd voor een persoonlijk contact:
° De oudercontacten voor de kleuterschool : - in het begin van elk schooljaar; - een ouderavond voor iedere kleuterklas; - volgens afspraak.
° Een afspraak met de klasleerkracht of directie is altijd mogelijk. Tijdens de lesuren of onaangekondigd is niet aan te bevelen omdat een goed gesprek een goede voorbereiding vraagt. ° Telefonisch kan een afspraak worden gemaakt, maar we vinden het middel niet geschikt om een uitgebreid gesprek te houden.
4.4.5 Te laat komen
Te laat komen stoort het klasgebeuren. Ouders zien er op toe dat hun kind tijdig op school aanwezig is. Bij herhaling krijgen de ouders een geheugensteuntje en kunnen maatregelen genomen worden in het belang van het kind. De school vroegtijdig verlaten : In uitzonderlijke omstandigheden kan uw kind de school verlaten mits toestemming van de directeur of de leerkracht. Het kind wordt afgehaald door een ouder of een nader af te spreken persoon.
4.4.6 Afwezigheid bij ziekte en andere afwezigheden
Vermits het hier een gaat om de wettelijke invulling vragen we u om de uitgebreide versie van de officiële regelgeving zeer grondig te lezen. Afwezigheden worden zeer streng gecontroleerd van hogerhand. Gelieve daarmee rekening te houden. Voor ziekte nog even een extra samenvatting :
Ziekte
Is een kind meer dan 3 opeenvolgende kalenderdagen ziek dan is steeds een medisch attest vereist. Dat attest kan afkomstig zijn van een geneesheer, een geneesheerspecialist, een psychiater, een tandarts, een orthodontist en de administratieve diensten van een ziekenhuis of een erkend labo. Consultaties (zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts), moeten zoveel mogelijk buiten de schooluren plaatsvinden. Wanneer een kind een chronische ziekte heeft die leidt tot verschillende afwezigheden zonder dat telkens een doktersconsultatie noodzakelijk is (bijv. astma, migraine,…) is het goed contact op te nemen met de school en het CLB. Het CLB kan een medisch attest opmaken dat de ziekte bevestigt. Wanneer het kind afwezig is voor die aandoening volstaat dan een attest van de ouders. Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig als :
De school zal het CLB contacteren telkens ze twijfels heeft over een medisch attest.
Voor ziekte tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een briefje van de ouders. Dergelijk briefje kan slechts 4 keer per schooljaar door de ouders zelf geschreven worden. Vanaf de vijfde keer is een medisch attest vereist.
De ouders verwittigen de school zo vlug mogelijk en bezorgen ook het attest zo vlug mogelijk. Ze bezorgen het ziektebriefje aan de klastitularis. De school zal het CLB contacteren bij twijfel over een medisch attest.
Andere afwezigheden : soms moet een kind om een andere reden afwezig zijn. De ouders bespreken dit op voorhand met de directie.
Problematische afwezigheden : de school verwittigt de ouders van elke niet-gewettigde afwezigheid. Na meer dan 10 halve dagen problematische afwezigheden stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op. De ouders worden uitgenodigd voor een gesprek. Na 30 halve dagen problematische afwezigheden verwittigt de school het Agentschap voor Onderwijsdiensten.
4.4.7 Huiswerk, agenda’s en rapporten
Ouders kunnen ook vragen of opmerkingen noteren en die via het kaftje aan de kleuter meegeven. - Het eerste en tweede leerjaar hebben een eenvoudige agenda en werken vooral met pictogrammen. - De 3de, 4de, 5de en 6de klas gebruiken ook een agenda, aangepast aan hun leeftijd. - Vanaf het 5de leerjaar wordt dagelijks een agenda ingevuld. Het is de bedoeling dat de ouders deze regelmatig inkijken om op de hoogte te blijven van hetgeen in de klas gebeurt. Indien de leerkracht een opmerking van de leerling naar de ouders toe wil melden gebeurt dit ook soms in de agenda. - De ouders dienen de agenda’s wekelijks te handtekenen.
- Tweemaal per jaar krijgen de kinderen van de lagere school een uitgebreid rapport (in januari en juni). De gemaakte proeven kunnen thuis ingekeken worden, om beter tot een zinvol gesprek te komen tijdens de oudercontacten. - Een positieve benadering en waardering voor het goede is steeds de beste houding tegenover rapporten en peilproeven.
4.4.8 Lessen lichamelijke opvoeding en zwemmen
4.4.9 Eén- of meerdaagse schooluitstappen (extra-muros activiteiten)
Eendaagse uitstappen :Voor deelname aan een extra-muros activiteit is de schriftelijke toestemming van de ouders vereist. Het streefdoel is dat alle leerlingen deelnemen aan de extra-muros activiteiten. Bij ééndaagse uitstappen geldt de ondertekening van dit schoolreglement als principiële toestemming. Indien de ouders de toestemming voor deelname aan een ééndaagse extra-muros activiteit weigeren, dienen zij dat vooraf aan de school te melden. Schoolreis afspraken : kleuters die nog een pamper dragen gaan niet mee op schoolreis, ouders zorgen die dag voor opvang. Bij een meerdaagse extra-muros activiteit is een afzonderlijke schriftelijke toestemming van de ouders vereist. Kinderen die niet deelnemen aan een activiteit moeten wel op school aanwezig zijn.
Meerdaagse uitstappen :bij een meerdaagse extra-murosactiviteit is een afzonderlijke schriftelijke toestemming van de ouders vereist. Het streefdoel is dat alle leerlingen deelnemen aan de extra-muros activiteiten. Leerlingen die niet deelnemen dienen in de school aanwezig te zijn.
We zijn een zeer sportieve school en stralen dit ook met veel plezier uit naar de buitenwereld. We hechten veel belang aan de lichamelijke conditie van onze leerlingen. Daarom nemen we regelmatig deel aan buitenschoolse en naschoolse sportactiviteiten. Deze gebeuren steeds onder begeleiding en verantwoordelijkheid van minimum één leerkracht van onze school. Naschoolse deelname is niet verplicht maar we stellen deelname ten zeerste op prijs. Soms wordt er ook een beroep gedaan op bijkomend vervoer door de ouders op vrijwillige basis.
4.4.10 Bijdrageregeling (ouders) : wordt aan de ouders bezorgd in de maand september.
In september ontvangt u een lijst met een raming van de financiële bijdragen die de school kan vragen. Deze lijst bevat zowel verplichte als niet verplichte uitgaven. Verplichte uitgaven zijn uitgaven die u zeker zult moeten doen. Voor deze verplichte lijst wordt er rekening gehouden met de maximumfactuur bij de kleuters van €20 en voor het lager €60. Zaken die de school als enige aanbiedt koopt u verplicht op school aan. Er zijn ook zaken die u zowel op school als ergens anders kunt aankopen. Niet verplichte uitgaven zijn uitgaven voor zaken die u niet verplicht moet aankopen of activiteiten waaraan u niet verplicht moet deelnemen, maar als u ze aankoopt of eraan deelneemt moet u er wel een bijdrage voor betalen. Voor sommige posten vermeldt de lijst vaste prijzen, voor andere zijn enkel richtprijzen vermeld. Van een aantal posten kennen we de prijzen niet altijd vooraf. We geven daarvoor richtprijzen. Dat betekent dat het te betalen bedrag in de buurt van de richtprijs zal liggen, het kan iets meer maar het kan ook iets minder zijn. Het schoolbestuur baseert zich voor het bepalen van de richtprijs op de prijs die de zaak of activiteit vorig schooljaar kostte. Deze lijst werd overlegd in de schoolraad.
We werken met een leerlingenrekening. De leerlingen brengen dus geen geld mee naar school. Alle financiële tussenkomsten worden op voorhand via een mededelingsbericht aan de ouders kenbaar gemaakt en dan met een handtekening van de ouders ter goedkeuring terugbezorgd. De leerkrachten houden deze uitgaven nauwkeurig bij en op het einde van elk trimester krijgen de leerlingen de eindafrekening mee naar huis. Enkel als dit expliciet vermeld is wordt nog contant betaald voor bepaalde activiteiten. Op het einde van elke trimester wordt de afrekening gemaakt en een overzicht aan de ouders bezorgd.
Alle betalingen worden geregeld door de schooladministratie. Voor vragen i.v.m. een rekening kan u contact opnemen met het schoolsecretariaat.
Indien we vaststellen dat de schoolrekening geheel of gedeeltelijk onbetaald blijft zonder dat er financiële problemen zijn of omdat de gemaakte afspraken niet worden nageleefd, zal de school verdere stappen ondernemen. Ook dan zoeken we in eerste instantie in overleg naar een oplossing. Indien dit niet mogelijk blijkt, kunnen we overgaan tot het versturen van een aangetekende ingebrekestelling. Vanaf dat moment kunnen we maximaal de wettelijke intrestvoet aanrekenen op het verschuldigd bedrag.
4.4.11 Verzekering
Elke leerling, ingeschreven in het register, is verzekerd voor ongevallen tijdens de schooluren, op weg van huis naar school en terug en voor naschoolse activiteiten. ( een leerling dient de kortste weg naar school te nemen ! )
De schoolverzekering dekt enkel de kosten voortvloeiend uit lichamelijke letsels. Vergoeding van materiële schade is uitgesloten, en schade aangericht aan derden dient altijd geregeld te worden langs de familiale verzekering.
Waardevolle voorwerpen en speelgoed laat je best thuis. De school kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor diefstal of beschadigingen.
Bij een ongeval moet men zich wenden tot de directeur, die zorgt voor de aangifte en u de nodige formulieren overhandigt en u de informatie verstrekt voor de verdere afhandeling.
Alle rekeningen moeten eerst worden aangeboden bij uw ziekenfonds. Resterende bedragen van ziekenhuis, arts, kinesist… worden door de verzekering terugbetaald.
Vrijwilligers : onze school maakt bij de organisatie van verschillende activiteiten gebruik van vrijwilligers. De organisatie heeft een verzekeringscontract afgesloten tot dekking van de burgerlijke aansprakelijkheid, van de organisatie en de vrijwilliger. Het verzekeringscontract werd afgesloten bij Fidea met polisnummer 40.610.669. Er wordt geen onkostenvergoeding voorzien. Een vrijwilliger gaat discreet om met geheimen die hem/haar zijn toevertrouwd.
4.4.12 Middagpauze
Onder toezicht van een verantwoordelijke volwassene kunnen de kinderen ’s middags een boterham eten in de eetzaal van de kleuterschool of lagere school.
Boterhammen, fruit en koeken in de boekentas zijn regelmatig oorzaak van beschadigingen aan boeken. De eetwaren worden daarom best in een apart zakje of tasje gedaan. In de klas is er een speciale box voorzien waar de leerlingen hun eetzakjes kunnen plaatsen die dan gezamenlijk per klas naar de eetzaal worden gebracht door een leerling.
Tijdens de pauze kunnen de leerlingen een drankje kopen met een jeton. We werken met een drankenkaart van 10 jetons. De handtekening van de ouders valideert deze drankenkaart en wordt afgerekend via de schoolrekening. Voor de drank : enkel flesjes van school of van thuis water of fruitsap, geen frisdranken van thuis of energiedranken. Per klas worden de brooddozen na het eten verzameld en naar de klassen gebracht.
4.4.13 Kledij en uiterlijk
De leerlingen komen netjes en verzorgd naar school. Blote buik, T-shirts met spaghettibandjes, te korte rokjes, strandslippers en piercings zijn NIET toegelaten. Verder stelt de school geen eisen aan kledij, op voorwaarde dat ze niet extravagant overkomt.
In de klas dragen de leerlingen geen hoofddeksels.
Het gebruik van een gsm is voor de leerlingen niet toegelaten op school.
Voor de lessen bewegingsopvoeding dragen de leerlingen een uniform en wordt er via de schoolrekening een short en T-shirt aangerekend. Voor pantoffels zorgen de leerlingen zelf.
4.4.14 Schoolmateriaal
Behalve de boekentas, pennenzak en (vrij) een balpen (parkerpen) wordt al het materiaal door de school geleverd. Het blijft eigendom van de school en dient met respect behandeld te worden.
Beschadigingen aan gebouwen, meubels of leermateriaal moeten aan de school gemeld worden. Bij opzettelijke beschadigingen wordt een eventuele vergoeding met de ouders besproken.
4.4.15 Snoep op school
Wij willen de kinderen opvoeden met gezonde eetgewoonten. Daarom is snoepen op school niet toegelaten. Een versnapering tijdens de speeltijd mag wel, maar dan onder vorm van fruit, koek of een boterham. Maandag is fruitdag. We vragen dan ook om daar zoveel mogelijk rekening mee te houden.
4.4.16 Verjaardagen
Verjaardagen vieren met klasgenootjes is een mooie gewoonte die de school wenst te behouden. Toch willen we dit in een sobere sfeer laten verlopen. Binnen de klasgroep wordt voor de jarige geklapt en gezongen, waarna een koek of een stuk fruit mag uitgedeeld worden. We vermijden elke vorm van speelgoed of andere materiële geschenken. Een boek voor de klasbibliotheek is eveneens welkom.
Verjaardagen vieren thuis is een privé-aangelegenheid, dwz iedereen beslist welke leerlingen worden uitgenodigd. Daarom dienen de uitnodigingen buiten de schooluren bezorgd te worden en niet binnen klasverband.
4.4.17 Brengen en afhalen van de leerlingen
De schoolpoort is de plaats waar de leerlingen afscheid nemen van de ouders. Ook bij het afhalen wachten de ouders buiten de schoolpoort tot de leerlingen zich aanmelden. Enkel indien u een melding wil doen aan een leerkracht kan u de speelplaats betreden. Ook tijdens de middagpauze zijn er geen ouders aanwezig op de speelplaats.
Kinderen afhalen tijdens de lessen kan enkel als daar gegronde en wettelijk erkende redenen voor zijn en op voorhand te melden aan de klasleerkracht of directeur.
Sommige ouders zijn vroeg aan de schoolpoort. Mogen we vragen de stilte te respecteren om de klassen niet te storen.
4.4.18 Verkeer om en rond de school
Bij het brengen en afhalen van de leerlingen dienen de verkeersregels nageleefd te worden. Hou er rekening mee dat de schoolpoorten vrij dienen te blijven.
Aan de gevaarlijke kruispunten zijn er gemachtigde opzichters aanwezig om de kinderen veilig te helpen oversteken.
Vermijd het parkeren voor de schoolpoort en op oversteekplaatsen voor de kinderen omwille van de veiligheid van de oversteekrijen. Plaats uw voertuig op een manier zodat een vlot verkeer mogelijk blijft.
Kinderen die te voet of met de fiets naar school komen dragen een fluovestje.
Aan de kleuterschool wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van de daartoe bestemde parking. Binnenrijden langs de Genastraat en langs de Abroxweg uitrijden. Ordelijk parkeren draagt bij tot een vlot verloop. Vermits er regelmatig politiecontroles zijn houdt u best de voorgestelde regeling aan.
De kinderen van de lagere school worden twee maal per dag door de gemachtigde opzichters begeleid om de weg over te steken. Ook de ouders geven het voorbeeld door de aanwijzingen van deze mensen op te volgen. Kinderen van de lagere school die naar de opvang gaan worden vanuit de school onder begeleiding naar de opvang gebracht.
Met de auto op de speelplaats kan, omwille van veiligheidsredenen, slechts in uitzonderlijke omstandigheden worden toegelaten en enkel als er zich geen leerlingen op de speelplaats bevinden. Bij eventueel ongeval met uw kind op de speelplaats zou de aansprakelijkheid bij de school kunnen gelegd worden.
4.4.19 Milieu op school
Onze school is een MOS (Milieu Op School) school. Daar willen we allemaal samen actief aan meewerken, op school en ook thuis. Onze school behaalde reeds de 3 te behalen MOS-logo’s en de groene vlag dank zij de inzet van alle participanten.
4.4.20 Orde en netheid om en rond de gebouwen
4.4.21 Indeling van de klassen
Dit behoort tot de verantwoordelijkheid van de directeur en het personeel. De klasverdeling gebeurt volgens de lestijden van het toegekende urenpakket van het ministerie van onderwijs. De telling voor deze uren gebeurt altijd op 1 februari van het voorgaande schooljaar. Het is dus de klassenraad die beslist in welke leerlingengroep een leerling, die in de loop van zijn schoolloopbaan van school verandert, terechtkomt. Bij de verdeling van de uren en splitsing van klassen wordt steeds het welzijn van de leerlingen voor ogen gehouden. De verdeling van het lestijdenpakket is de verantwoordelijkheid van de directeur, evenals de dagelijkse leiding en de organisatie van de school. Leerlingengroepen kunnen heringedeeld worden op basis van een gewijzigde instroom. (Bijvoorbeeld in de kleuterschool na een instapdatum).
4.4.22 Uitreiken van een getuigschrift
De voorzitter en alle leden van de klassenraad ondertekenen het schriftelijk verslag.
Beroepsprocedure:
4.4.23 Individuele begeleiding
4.4.24 Overzitten
4.4.25 Belonen en straffen
° Beleefdheid – gedrag ° Het is prettig luisteren naar beschaafde taal, naar grootsprekers luisteren we niet.
4.4.26 Preventie en welzijn
4.4.27 Rookverbod
4.4.28 Leerlingenraad
4.4.29 Engagementsverklaring
Ouders hebben hoge verwachtingen van de school voor de opleiding en opvoeding van hun kinderen. Onze school zet zich elke dag in om dit engagement waar te maken, maar in ruil verwachten we wel de volle steun van de ouders. Daarom maken we in onderstaande engagementsverklaring wederzijdse afspraken. Zo weten we duidelijk wat we van elkaar mogen verwachten. We organiseren ook geregeld individuele oudercontacten. Bij het begin van het schooljaar delen wij u de juiste data mee. Wie niet op een oudercontact aanwezig kan zijn kan een gesprek aanvragen op een ander moment.
Aanwezig zijn op school en op tijd komen : De aanwezigheid van uw kind op school heeft gevolgen voor het verkrijgen en behouden van de schooltoelage en voor de toelating tot het eerste leerjaar. Daartoe moeten wij de afwezigheden van uw kind doorgeven aan het departement onderwijs en aan het CLB. Wij verwachten dat uw kind dagelijks en op tijd op school is. Wij verwachten dat u ons vanaf 8.00u verwittigt bij afwezigheid van uw kind. Het CLB waarmee wij samenwerken staat in voor de begeleiding bij problematische afwezigheden. u kan zich niet onttrekken aan deze begeleiding. U kan steeds bij ons terecht bij problemen. We zullen samen naar de meest geschikte aanpak zoeken.
Individuele leerlingenbegeleiding : Onze school voert een zorgbeleid. Dit houdt ondermeer in dat we gericht de evolutie van uw kind volgen. Dit doen we door het werken met een leerlingvolgsysteem. Sommige kinderen hebben op bepaalde momenten nood aan gerichte individuele begeleiding. Andere kinderen hebben constant nood aan individuele zorg. We zullen in overleg met u als ouder vastleggen hoe de individuele begeleiding van uw kind zal georganiseerd worden. Daarbij zullen we aangeven wat u van de school kan verwachten en wat wij van u als ouder verwachten. Wij verwachten dat u ingaat op onze vraag tot overleg en de afspraken die we samen maken opvolgt en naleeft.
Positief engagement ten aanzien van de onderwijstaal Wij verwachten van de ouders dat ze er alles aan doen om hun kind, ook in de vrije tijd, te stimuleren bij het leren van Nederlands. Dit kan ondermeer door:
Website : infobrochure onderwijsregelgeving. Een actuele digitale versie van het document is beschikbaar op de website van de school : www.dekei-beek.be De inhoud kan te allen tijde gewijzigd worden zonder de instemming van de ouders. Bij elke wijziging van de inhoud van de bundel , verwittigt de school de ouders via de nodige briefwisseling. Op hun verzoek ontvangen de ouders een papieren versie van het document.
VOOR ALLE ANDERE PRAKTISCHE AFSPRAKEN, PLANNING , KLASINDELING, NUTTIGE INFORMATIE KAN U TERIECHT IN ONZE SCHOOLKALENDER; het is een deel van de schoolbrochure.
In deze kalender geven we algemene informatie over onze school, omtrent de participanten, de klasindeling… In deze brochure worden o.a. opgenomen : namen en adressen van directie en leerkrachten, samenstelling van het schoolbestuur, samenstelling van de ouderraad, samenstelling van de schoolraad, activiteiten gedurende het schooljaar, vrije dagen, kalender, regeling opvang…. Kortom : alle nuttige info voor een gans schooljaar ! Deze schoolkalender is beschikbaar vanaf half september.
Instellingskenmerken : 015404 KaBo “de Kei” Beek-Bree vzw Jef Vanhoofstraat 3 3960 Bree Tel : 089/46.59.54 Fax : 089/48.16.48 e-mail : gb.beek@skynet.be
De ouders van ………………………………………………………………………………verklaren dat zij instemmen
met het opvoedingsproject en het schoolreglement van basisschool De Kei
Instellingskenmerken : 015404 KaBo “de Kei” Beek-Bree vzw Jef Vanhoofstraat 3 3960 Bree Tel : 089/46.59.54 Fax : 089/48.16.48 e-mail : gb.beek@skynet.be
Datum:
Naam en handtekening Naam en handtekening moeder vader
|
2006 Copyright © Basisschool "de Kei" Beek, Jef Vanhoofstraat 3, 3960 Bree-Beek